Altijd en overal toegang tot een schat aan informatie.

Vergroot de fiscale kennis binnen uw gemeente

Actueel


Vaktechnisch overleg voor gemeente

Wij merken dat de fiscalisten en andere ambtenaren met de fiscaliteit als takenpakket van gemeenten en provincies behoefte hebben aan het onderhouden en uitbreiden van hun vaktechniek door arresten en besluiten e.d. integraal te behandelen en hierover met elkaar te sparren. Dit op hbo/universitair niveau, voor de vakgebieden btw, BCF, overdrachtsbelasting, formeel belastingrecht en de invorderingswet. Vanuit deze gedachte nodigen wij u graag uit voor ons periodieke vaktechnische overleg (VTO). De eerstvolgende sessie vindt plaats op woensdag 10 oktober 2018 in Zwolle. Een eerste deelname aan het VTO is gratis. Voor aanmelding of meer informatie kunt u contact opnemen met Dieks Boswinkel, dieks.boswinkel@pwc.com, 088 792 16 91 of Remko Hagedoorn, remko.hagedoorn@pwc.com, 088 792 12 52.  
[Lees verder...]

Belastingplan 2019

Geachte abonnee, Vandaag is het Belastingplan 2019 gepresenteerd. Uit het Belastingplan zijn de volgende onderwerpen voor gemeenten van belang: afschaffing sportbesluit: geen btw-herziening op investeringen van voor 2019; btw-herziening bij verhuur aan sportstichting?; ook gesubsidieerde sport-BV valt veelal onder btw-vrijstelling per 2019. verlaagde btw-tarief van 6% naar 9% per 2019 Wij gaan de fiscale gevolgen van deze wijzigingen voor u uitwerken en berichten hierover zo snel mogelijk. Het volledige Belastingplan 2019 kunt u hier lezen.
[Lees verder...]

Fiscaal in control: stapsgewijze groei naar fiscale volwassenheid

Bent u klaar voor de volgende stap? Kom naar de bijeenkomst van 16 oktober 2018. Wij krijgen de laatste tijd steeds meer vragen over hoe men fiscaal in control komt. Met de term 'horizontaal toezicht' ontwikkelt de Belastingdienst een nieuwe vorm van toezicht. De uitgangspunten van horizontaal toezicht zijn transparantie en samenwerking. Horizontaal toezicht wordt o.a. vastgelegd in de vorm van een handhavingsconvenant. Deze convenanten worden gesloten met belastingplichtigen die fiscaal in control zijn (Tax Control Framework). Door middel van deze cursus willen wij jullie helpen om de organisatie in control te maken. WANNEER? Dinsdag 16 oktober 2018. Het programma ziet er als volgt uit: 14:00 uur ontvangst 14:30 uur start inhoudelijk programma Vanaf 16.30 uur start netwerkborrel WAAR? Bij ons op kantoor Utrecht. INSCHRIJVEN? U kunt zich vóór 9 oktober aanmelden door een e-mail te sturen aan eveline.de.haas@pwc.com. Vermeld in de e-mail de volgende gegevens: Voorletters en achternaam; Organisatie; Functie; Vorm vervoer: auto/openbaar vervoer (i.v.m. aantal parkeerplaatsen). Kosten  Er zijn geen kosten verbonden aan deze bijeenkomst.    Voor meer informatie en contact Heeft u een vraag of wilt u meer informatie, dan kunt u contact opnemen met Eveline de Haas (eveline.de.haas@pwc.com) / 06-83532963) of Anneloes Boekhorst (anneloes.boekhorst@pwc.com / 06-52615185).  
[Lees verder...]

PwC actualiteitenmiddag oktober 2018

Graag nodigen wij u uit voor onze PwC actualiteitenmiddagen in oktober 2018. Deze bijeenkomsten vinden drie keer per jaar plaats op diverse PwC kantoren. Tijdens deze middagen staan diverse en steeds wisselende actualiteiten centraal.  De komende actualiteitenmiddag zullen de onderwerpen jaarrekeningactualiteiten, btw, vennootschapsbelasting, het belastingplan 2019 en IT aan bod komen.  De bijeenkomsten vinden op de volgende data en locaties plaats: Donderdag 4 oktober 2018, kantoor PwC te Zwolle Maandag 8 oktober 2018, kantoor PwC te Rotterdam Donderdag 11 oktober 2018, kantoor PwC te Eindhoven Voor meer informatie klik hier.  Wij hopen u te mogen verwelkomen tijdens één van de bijeenkomsten.
[Lees verder...]

Welkom


Het PwC Fiscaal Portaal Gemeenten omvat een uitgebreide databank met informatie op het gebied van zowel de btw, het BTW-compensatiefonds, vennootschapsbelasting en loonheffingen. Het PwC Fiscaal Portaal Gemeenten is specifiek gericht op fiscale zaken die spelen bij publiekrechtelijke lichamen. Met het PwC Fiscaal Portaal Gemeenten bent u dan ook altijd op de hoogte van de laatste ontwikkelingen op fiscaal gebied.

Naast de omvangrijke databank treft u vele praktijkvoorbeelden, voorbeeldbrieven en digitale tools aan waardoor u en/of uw medewerkers tijd kan besparen bij het beantwoorden van fiscale vragen. Daarnaast vergroot u de fiscale bewustwording binnen uw organisatie waardoor fiscale aspecten eerder worden gesignaleerd. Tevens kan het PwC Fiscaal Portaal Gemeenten dienen als educatiemiddel.

Met één abonnement kunnen tien medewerkers van de gemeente tegen een scherp geprijsd tarief gebruikmaken van het PwC Fiscaal Portaal Gemeenten. Mocht u geïnteresseerd zijn in het PwC Fiscaal Portaal Gemeenten dan kunnen wij uw organisatie vrijblijvend informeren over de mogelijkheden en de inhoud van het PwC Fiscaal Portaal Gemeenten: Contact.

Uitgelicht


Vaktechnisch overleg voor gemeente

Wij merken dat de fiscalisten en andere ambtenaren met de fiscaliteit als takenpakket van gemeenten en provincies behoefte hebben aan het onderhouden en uitbreiden van hun vaktechniek door arresten en besluiten e.d. integraal te behandelen en hierover met elkaar te sparren. Dit op hbo/universitair niveau, voor de vakgebieden btw, BCF, overdrachtsbelasting, formeel belastingrecht en de invorderingswet. Vanuit deze gedachte nodigen wij u graag uit voor ons periodieke vaktechnische overleg (VTO). De eerstvolgende sessie vindt plaats op woensdag 10 oktober 2018 in Zwolle. Een eerste deelname aan het VTO is gratis. Voor aanmelding of meer informatie kunt u contact opnemen met Dieks Boswinkel, dieks.boswinkel@pwc.com, 088 792 16 91 of Remko Hagedoorn, remko.hagedoorn@pwc.com, 088 792 12 52.  

PwC actualiteitenmiddag oktober 2018

Graag nodigen wij u uit voor onze PwC actualiteitenmiddagen in oktober 2018. Deze bijeenkomsten vinden drie keer per jaar plaats op diverse PwC kantoren. Tijdens deze middagen staan diverse en steeds wisselende actualiteiten centraal.  De komende actualiteitenmiddag zullen de onderwerpen jaarrekeningactualiteiten, btw, vennootschapsbelasting, het belastingplan 2019 en IT aan bod komen.  De bijeenkomsten vinden op de volgende data en locaties plaats: Donderdag 4 oktober 2018, kantoor PwC te Zwolle Maandag 8 oktober 2018, kantoor PwC te Rotterdam Donderdag 11 oktober 2018, kantoor PwC te Eindhoven Voor meer informatie klik hier.  Wij hopen u te mogen verwelkomen tijdens één van de bijeenkomsten.

Btw-herziening gemeentelijk vastgoed toch mogelijk - HvJ Gmina Ryjewo

Gemeenten die een investeringsgoed (i.c. een dorpshuis) in gebruik nemen als niet-ondernemer (verhuur “om niet”) en deze nadien als ondernemer gaan gebruiken kunnen toch herzienings-btw claimen, zo heeft het HvJ geoordeeld in de zaak van de Poolse gemeente Ryjewo. Het moet dan wel gaan om investeringsgoederen die naar hun aard voor belaste of niet-belaste doeleinden kunnen worden gebruikt, zoals gebouwen. Voor zuivere overheidsgoederen geldt de mogelijkheid tot herziening dus niet. Dit is een baanbrekende uitkomst voor de Nederlandse praktijk, waarin altijd werd verondersteld dat herziening in een dergelijk geval niet mogelijk is.Casus De Poolse gemeente Ryjewo heeft in 2009 en 2010 een dorpshuis laten bouwen en heeft aan haar toeleveranciers btw betaald. Na oplevering van het dorpshuis was de gemeente voornemens het dorpshuis (1) om niet over te dragen aan het bestuur van het gemeentelijke cultureel centrum, (2) het dorpshuis rechtstreeks te gaan besturen, en (3) het zowel om niet te bestemmen voor gemeenschapsdoeleinden als onder bezwarende titel te verhuren voor commerciële doeleinden. De inkoop-btw op de bouw is door de gemeente niet verrekend via de btw-aangifte. Dit omdat het dorpshuis initieel “om niet” werd verhuurd. Vier jaar nadat de bouw van het dorpshuis was voltooid en in gebruik is genomen, is de gemeente Ryjewo het dorpshuis btw-belast gaan verhuren. Het dorpshuis bevond zich nog in de btw-herzieningstermijn. Hierdoor wilde de gemeente een deel van de inkoop-btw op de bouw alsnog verrekenen. De Poolse belastingdienst weigerde dit. De gemeente Ryjewo startte een procedure. In deze procedure heeft de Poolse rechter vragen gesteld aan het Europese Hof van Justitie. Ten behoeve van de behandeling door de Europese rechter heeft de Advocaat-Generaal (‘A-G’) het advies gegeven om te oordelen dat herziening in de onderhavige situatie onder voorwaarden mogelijk is. Advocaat-Generaal: alsnog btw-verrekening Advocaat-Generaal Kokott concludeerde dat de gemeente alsnog recht heeft op verrekening van de inkoop-btw op de bouw via de btw-aangifte. Dit recht om de btw te verrekenen bestaat volgens de Advocaat-Generaal ook als het investeringsgoed aanvankelijk wordt gebruikt voor doeleinden die niet aan de btw-heffing zijn onderworpen (zoals verhuur “om niet”), maar de aard van het gebruik van het investeringsgoed later wordt gewijzigd en het voortaan ook voor belastbare handelingen als ondernemer wordt gebruikt (btw-belaste verhuur tegen vergoeding). HvJ: Nalaten etikettering staat herziening btw investeringsgoed niet in de weg Het Hof van Justitie neemt het advies van de Advocaat-Generaal over. Zij komt tot de conclusie dat een gemeente recht op herziening van de inkoop-btw op de bouw als: deze zaak bij de verwerving ervan naar zijn aard zowel voor belaste als voor niet-belaste handelingen kon worden gebruikt maar in eerste instantie voor niet-belaste handelingen is gebruikt (in casu een dorpshuis), en de gemeente niet uitdrukkelijk heeft verklaard dat zij van plan was om dat investeringsgoed te bestemmen voor een belaste handeling (verhuur), maar ook niet heeft uitgesloten dat het daarvoor zou worden gebruikt. Het Hof van Justitie komt tot dit oordeel omdat de gemeente bij de verwerving/bouw van het dorpshuis niet ‘als overheid’ heeft gehandeld. Uit de feiten blijkt dat de gemeente eerder heeft gehandeld als een particulier die een gebouw wil laten optrekken. Doordat de gemeente niet ‘als overheid’ handelde werd zij voor deze aanschaf ook niet als een niet-belastingplichtige entiteit beschouwd. De gemeente was ten tijde van de aanschaf al wel als belastingplichtige geregistreerd. Anders dan in eerdere jurisprudentie van het Hof van Justitie wordt in deze zaak pas geruime tijd later na de verwerving van het pand duidelijk dat de intentie van de gemeente ook verhuur voor commerciële doeleinden zou zijn geweest. Het ontbreken van expliciet voornemen tot economisch gebruik op het moment van verwerving sluit namelijk niet uit dat impliciet wel degelijk sprake was van een dergelijk voornemen, aldus het Europese Hof. Het feitelijke gebruik doet niet af aan het bestaan van een impliciete intentie tot belaste gebruik gedurende de herzieningsperiode. Dat het pand aanvankelijk, als dorpshuis, geheel is aangewend voor niet-ondernemers gebruik is voor het recht op eventuele latere herziening van de inkoop-btw op de bouw van ondergeschikt belang. Het feitelijke gebruik bepaalt natuurlijk wel de tijdvakken en de omvang van de te terug te vorderen herzienings-btw binnen de herzieningstermijn. Een pand kan naar zijn aard immers zowel voor belaste als niet-belaste handelingen worden gebruikt, onmiddellijk gebruik voor belaste handelingen is daarbij niet vereist. Wat betekent dit voor u? Als gemeenten een investeringsgoed niet als ondernemer in gebruik nemen en deze nadien - binnen de herzieningstermijn - voor btw-belaste ondernemersactiviteiten gaan aanwenden kan alsnog een deel van de investerings-btw via de btw-aangifte worden verrekend. Hiervoor moet: 1) de gemeente bij aanschaf al btw-ondernemer zijn; en 2) het investeringsgoed naar de aard ook voor ondernemersactiviteiten gebruikt kunnen worden. Aan het gestelde in het eerste punt zal veelal worden voldaan. Dit is ook het geval voor het gestelde in het tweede punt. Slechts voor die goederen waarvoor een gebruik als ondernemer niet denkbaar is, zal een later gebruik als ondernemer niet leiden tot herziening van de inkoop-btw. Het gaat hierbij om de ‘zuivere’ overheidsgoederen. Hierbij valt te denken aan in gebruik genomen verkeersborden, verkeersregel-installaties, huishoudelijke afvalcontainers, etc. Als een gemeente een investeringsgoed in gebruik neemt buiten het kader van de onderneming en hierdoor de inkoop-btw compenseert via het BTW-compensatiefonds (‘BCF’), zal een later gebruik van het goed als ondernemer kunnen leiden tot de verplichting om een deel van de gecompenseerde btw via het BCF weer terug te betalen (als het goed zich nog in de herzieninstermijn bevindt). Deze last kan – onder voorwaarden – dan weer worden goed gemaakt doordat de via de btw-aangifte terug te betalen btw weer kan worden verhaald via de btw-aangifte. Op deze wijze werkt het systeem neutraal. Bron: https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:62017CJ0140&from=EN

Btw op re-integratietrajecten & outplacement: 100% compensatie (Gerechtshof Den Haag)

Het gerechtshof Den Haag oordeelt dat de btw op re-integratietrajecten volledig compensabel is. Deze uitspraak bevestigt het oordeel van de rechtbank Den Haag. Ook al heeft een individu baat bij een re-intagratietraject, het is de gemeente die de ingekochte trajecten zelf verbruikt ter vervulling van haar wettelijke taak. Daardoor is de uitsluiting van het recht op compensatie niet aan de orde. In tegenstelling tot de Rechtbank oordeelt het Hof dat ook de btw op outplacementkosten voor een wethouder compensabel is. De gemeente wordt in het gelijk gesteld.  Belanghebbende, de gemeente Barendrecht, heeft kosten gemaakt voor re-integratiewerkzaamheden voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt (re-integratiekosten). Verder heeft zij kosten gemaakt voor een loopbaanbegeleidingstraject van een wethouder (outplacementkosten). De btw op deze kosten heeft zij gecompenseerd. Volgens de Belastingdienst is de btw (deels) uitgesloten van compensatie, omdat sprake is van een "verstrekking aan een individuele derde" (art. 4.1.a, BCF). Het Gerechtshof stelt de gemeente in het gelijk. De uitsluiting van compensatie is niet aan de orde. De btw op de re-integratiekosten en de btw op de outplacementkosten is terecht volledig gecompenseerd.  Het Gerechtshof volgt hierin het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de btw op de re-integratiekosten. Ten aanzien van de btw op de outplacementkosten oordeelde de rechtbank eerder dat deze btw niet compensabel is, maar het Gerechtshof oordeelt nu dat ook deze btw geheel voor compensatie in aanmerking komt. Btw op re-integratiekostenUit de feiten van de uitspraak leiden wij af dat de gemeente Barendrecht op basis van het model “Haaglanden” een extra bijdrage uit het BCF heeft geclaimd. Dit voor de jaren 2007 t/m 2013. De inspecteur heeft dit verzoek afgewezen en lijkt daarmee het standpunt te hebben ingenomen dat het model “Haaglanden” (deels) niet van toepassing is. De Rechtbank geeft aan dat de re-integratietrajecten voortvloeien uit een op de gemeente rustende wettelijke verplichting. De diensten voor een re-integratietraject worden door de gemeente afgenomen met als doel de omvang van de uitkeringen te verlagen. Hiermee is de volledige bevolking van de gemeente, en dus het collectief, gediend. Dat een individu (degene die wordt gere-integreerd) baat heeft leidt er niet toe dat het niet de gemeente is die de diensten afneemt. Het Gerechtshof volgt dit oordeel van de Rechtbank. Btw op outplacementkosten In tegenstelling tot de Rechtbank vindt het Gerechtshof dat ook de btw op de outplacementkosten compensabel is. De gemeente heeft dit outplacementtraject ingekocht en het is haar verantwoordelijkheid als bestuursorgaan om voor de outplacement te zorgen. Dat het outplacementtraject resulteert in het sneller vinden van een nieuwe baan door de wethouder betekent niet dat compensatie is uitgesloten. Van een terbeschikkingstelling aan een individuele derde is geen sprake.   Belang voor de praktijk De uitspraak is naar onze mening interessant omdat de Rechtbank met haar motivering aangeeft dat zij van mening is dat álle btw die toerekenbaar is aan een re-integratietraject in aanmerking komt voor een bijdrage uit het BCF. Dus niet alleen de btw die in geschil was, maar ook de niet geclaimde btw. De Rechtbank en het Gerechtshof geven aan dat de re-integratietrajecten voortvloeien uit een op de gemeente rustende wettelijke verplichting. De diensten voor een re-integratietraject worden door de gemeente afgenomen met als doel de omvang van de uitkeringen te verlagen. Hiermee is de volledige bevolking van de gemeente, en dus het collectief, gediend. Dat een individu (degene die wordt gere-integreerd) baat heeft leidt er niet toe dat het niet de gemeente is die de diensten afneemt. De uitspraak is ruimer dan het beleid dat de Belastingdienst altijd heeft gehanteerd en door vele gemeenten is gevolgd. Dit betekent dat ten onrechte niet alle btw op re-integratietrajecten is gecompenseerd uit het BCF. Voor de periode 2013 t/m 2017 kan deze btw nog aanvullend worden gecompenseerd. Dit op basis van PwC’s gouden euro-theorie (zie ook ons nieuwsbericht van 14 december 2017) dan wel het indienen van bezwaar. Hierna zullen wij toelichten op welke wijze om een aanvullende bijdrage uit het BCF kan worden verzocht. PwC's gouden euro-theorie Een gemeente heeft de mogelijkheid om uiterlijk 5 jaren na het betreffende kalenderjaar te verzoeken om een nieuwe beschikking BCF uit te reiken. Tegen deze nieuwe beschikking staat bezwaar en beroep open. Een nieuwe beschikking kan aangevraagd worden als blijkt dat in een bepaald jaar te weinig of te veel btw is geclaimd uit het BCF. Wij raden aan om in het verzoek om een nieuwe beschikking, naast de niet geclaimde btw op re-integratietrajecten, in ieder geval één Euro mee te nemen waarvan zeker is dat deze ten onrechte (niet) bij het BCF is geclaimd. Voor deze “gouden euro” moet de inspecteur een nieuwe beschikking uitreiken waartegen bezwaar en beroep openstaat. Naast deze zekere Euro kan verzocht worden om een aanvullende bijdrage uit het BCF voor niet geclaimde btw op re-integratietrajecten. Als de inspecteur het aanvullende verzoek voor de btw op re-integratietrajecten afwijst moet hij namelijk wel een nieuwe beschikking uitreiken voor de zekere Euro. Tegen deze nieuwe beschikking kan bezwaar en beroep worden ingesteld waarmee de aanvullende teruggaaf voor de btw op re-integratietrajecten kan worden geclaimd. De uitspraak kunt u vinden via deze link: https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:GHDHA:2018:1474&showbutton=true&keyword=ECLI%3aNL%3aGHDHA%3a2018%3a1474 Model “Haaglanden” In het model “Haaglanden” wordt het re-integratietraject door de Belastingdienst in 7 fasen verdeeld. Per fase wordt bepaald of de daaraan toerekenbare btw in aanmerking komt voor een bijdrage uit het BCF. Het model is als volgt weer te geven: Fase 0: Inhuurpersonen              à Volledig compensabel Fase 1: Werkgeverschapskosten à Volledig compensabel Fase 2: Intake en diagnose à Volledig compensabel Fase 3: Aanbodversterking à 20% compensabel Fase 4: Bemiddeling à 80% compensabel Fase 5: Plaatsing en nazorg à Volledig compensabel Fase 6: Overig/Bonus à de btw wordt verhoudingsgewijs verdeeld over de andere fases, met uitzondering van Fase 0   Vanaf het jaar 2017 is dit model overigens losgelaten door de Belastingdienst en is alle btw op re-integratietrajecten compensabel met uitzondering van de btw op: (Sollicitatie)trainingen Scholing Individuele begeleiding (inclusief coaching). De btw op de toerekenbare kosten op de componenten intake en rapportage met betrekking tot de individuele begeleiding (inclusief coaching) is niet uitgesloten van compensatie Kinderopvang Opleidingen/scholing/Examenkosten (hieronder vallen ook stages die in het kader van dergelijke opleiding worden genoten) Reis- en fietskosten (Sport) abonnementen (Psychologische) therapie  

Wilt u op de hoogte blijven van het laatste binnenlands bestuur nieuws?

Meld u aan voor de nieuwsbrief

Contact


Dieks Boswinkel

088 - 792 16 91

dieks.boswinkel@pwc.com

Jarno Sloot

088 - 792 42 22

jarno.sloot@pwc.com

Nicole Brueker

088 - 792 44 94

nicole.brueker@pwc.com